Zelf wijn maken

Zelf wijn maken

Heb je zelf druiven of ander fruit in je tuin ? Dan zou je eens kunnen overwegen om daar wijn van te maken. Maar ook zonder eigen fruit, is het leuk om eens je eigen wijn te maken. Er zijn voldoende boekjes in de handel verkrijgbaar met duidelijke handleidingen, recepten en benodigdheden.

De start

Ik kreeg eens een boekje over wijn maken op mijn verjaardag. Achter in het boekje stond een adres van een groothandel in wijnmakers artikelen en het duurde niet lang voordat ik koers zette richting deze winkel. De eigenaar was zeer behulpzaam en kon precies uitleggen wat je als beginnend wijnmaker nodig had. Alleen al van het rondlopen in zo'n winkel word je enthousiast. Met diverse gistvaten, watersloten, hevelslangen, gist, ingrediënten etc. reed ik weer naar huis.

Appelwijn

Thuis gekomen gelijk op zoek gegaan naar een leuk en een beetje eenvoudig recept om te starten. De keuze was gevallen op Appelwijn. In het recept stond, dat je dan het beste verschillende soorten appels kon gebruiken om zodoende een betere smaak te krijgen. Soms kan je goedkoop aan appels komen. Bijvoorbeeld 2e keus appels bij een boer of zelf appels plukken in een pluktuin. Ik vond mijn appels op de markt en liep na mijn bezoek aan de fruitkraam met 4 zware zakken met verschillende appels weer naar de auto.

 

Aan de slag

Volgens het recept moesten de appels in kleine stukjes worden gesneden en een tijdje in een grote emmer tot ontbinding komen waardoor de sappen beter zouden vrijkomen. Hiertoe moesten er ook zogeheten Pecto-enzymen worden toegevoegd. Deze enzymen breken de pectine af in harde pectinerijke vruchten zodat het sap makkelijker vrij komt. Na verloop van tijd moest het sap uit de appelpulp worden geperst. Hiervoor zijn verschillende methoden. Het appelsap wordt uiteindelijk  opgevangen in een gistvat waaraan de gist wordt toegevoegd. Zelf gebruikte ik hiervoor altijd glazen mandflessen.

Gisten

Het gistvat sluit je af met een waterslot, zodat er geen verkeerde bacteriën bij het sap kunnen komen want wijn kan snel bederven. Ook de temperatuur is erg belangrijk om een goede gisting te krijgen. Bij mij stond het gistvat in de woonkamer achter de bank wat een echt "Ma Flodder" gevoel gaf. Helemaal door de borrelende geluiden van het waterslot. Na een periode van enkele weken moest de vloeistof worden overgeheveld in een schoon gistvat. Dit gebeurde m.b.v. een hevel-slangetje. Daarbij is het de bedoeling, dat het bezinksel op de bodem (de droesem) achterblijft in het 1e gistvat en alleen de schone vloeistof wordt overgeheveld. Daarna zal de wijn verder rijpen en kan deze klaren (helder worden). Voor het klaren worden vaak middelen toegevoegd zodat losse deeltjes sneller bezinken.

Bottelen

Nadat de wijn lang genoeg (volgens recept) heeft gerijpt en mooi helder is, kan de wijn worden gebotteld. Wederom wordt hiervoor de hevelslang gebruikt. Je kan hiervoor leeggedronken wijnflessen gebruiken maar je kan ook mooie lege flessen kopen. Wanneer je mousserende wijn hebt gemaakt, zorg dan wel voor sterke flessen. Wanneer je alle wijn hebt gebotteld kan je de flessen voorzien van een traditionele kurk of een kunststof variant. Daarna zet je de puntjes op de "i" met een mooi eigen etiket 🙂

Nog even wachten

Daarna begint het wachten en testen. Veel wijnen moeten nog maanden rijpen in de fles. Hiervoor is het handig, dat je ook wat kleinere flesjes vult, om deze te kunnen gebruiken als test. Wanneer de wijn nog niet voldoende gerijpt is, hoef je daardoor niet zoveel door de gootsteen te spoelen. Maar wanneer je tevreden bent over het resultaat, dan is het ook echt genieten. Je hebt op ambachtelijke manier je eigen wijn gemaakt. Wie kan dat nou zeggen ? Naast zelf opdrinken kan je ook eens een flesje van je eigen wijn aan iemand cadeau geven. Origineel en lekker !!

Succes en teleurstelling gaan hand in hand

De eerste appelwijn was een groot succes. Lekker van smaak en veel enthousiaste reacties. Dat smaakte naar meer dus ging ik ook andere recepten uitproberen. Na 10 Liter appelwijn besloot ik het wat groter aan te pakken en koos ik voor, jawel, rode bieten wijn. Goedkope grondstof en niet al te ingewikkeld. Het doel was 20 Liter mousserende bietenwijn. Speciaal daarvoor extra sterke flessen gekocht met draadkorfjes om de kurk vast te klemmen. Na veel werk was het resultaat uiteindelijk .........  niet te drinken !!!  Bah !!  Het smaakte alsof je een zak potgrond aan het verorberen was. Gelukkig vond mijn moeder het prima te drinken dus zo zie je maar weer... smaken verschillen.

Na dit fiasco weer een nieuwe uitdaging gestart met 10 L druivenwijn. Mijn ouders hadden een lange muur vol druiven en deel daarvan kon ik gebruiken voor mijn 3e wijntje. Uiteindelijk was dit toch wel de lekkerste wijn tot nu toe. Een groot succes !

Gemotiveerd na dit succes begon ik weer aan een nieuwe uitdaging; "berkensap wijn". Het schijnt, dat er in Rusland hele berkenbossen zijn uitgestorven, omdat de bomen wat te gretig door de lokale bevolking werden afgetapt. Om aan het berkensap te komen, kan je een gaatje boren in een Berkeboom (beetje schuin omhoog) en daar een buisje in slaan, waar je vervolgens een slangetje aan hangt. Het uiteinde van de slang laat je uitkomen in een Emmer. Na enkele dagen kan je zomaar een paar Liter berkensap aantreffen in je emmer. Daarna verwijder je het buisje uit de boom en sla je er een houten prop in, zodat de boom niet doodbloed. Wanneer je dit bij enkele bomen doet, heb je gauw een behoorlijke hoeveelheid berkensap. Samen met nog enkele andere ingrediënten laat je het sap vergisten tot wijn. Persoonlijk vond ik het eindresultaat niet geweldig dus besloot ik de wijn te gaan destilleren zodat het niet allemaal voor niets was geweest. Zo ontstond de volgende hobby:  Destilleren 🙂

Deel deze blog: